De regels achter de planning
- Drie dagen tussen een match en zware beentraining, aan beide kanten. Een meta-analyse uit 2018 van 77 studies in het voetbal vond dat de kracht van de hamstrings en de sprintprestatie 72 uur na een match nog meetbaar lager lagen (Silva et al., 2018).
- De dag na een match is voor herstel, de dag ervoor om fris te blijven. Geen van beide is een fitnessdag.
- Nooit twee krachtsessies op opeenvolgende dagen. Een lichte sessie kan twee dagen van een match; een zware heeft er drie nodig.
- Tijdens het seizoen houdt één sessie per week vast wat je opbouwde. Profvoetballers die één krachtsessie per week behielden, hielden hun kracht en hun sprint over 40 m 12 weken lang op peil; wie er één om de twee weken deed, verloor van allebei wat (Rønnestad, Nymark en Raastad, 2011).
Dit zijn vuistregels op basis van die bevindingen, geen getest programma. Voelen je benen op de geplande dag nog zwaar, verschuif de sessie dan of maak ze lichter.
Waarom krachttraining tijdens het seizoen
Kracht die je niet gebruikt, verdwijnt, en een seizoen is lang: in de studie hierboven was één sessie om de twee weken al te weinig om beenkracht en sprintsnelheid te behouden. Een korte, zware sessie per week houdt vast wat je in de voorbereiding opbouwde.
Ze beschermt je ook. Een meta-analyse van 25 studies met 26.610 deelnemers vond dat krachttrainingsprogramma’s sportblessures terugbrachten tot ongeveer een derde, terwijl stretchprogramma’s geen meetbaar verschil maakten (Lauersen, Bertelsen en Andersen, 2014).
Zo ziet een korte sessie tijdens het seizoen eruit
- Warm 5 tot 10 minuten op en bouw in een paar sets op naar je werkgewicht.
- Eén squat of heupscharnier voor de benen (squat, trap bar deadlift of Roemeense deadlift), 2 of 3 sets van 3 tot 5 herhalingen, zwaar maar met 2 of 3 herhalingen over.
- Eén oefening op één been of Nordic hamstring curls, 2 sets.
- Een duw- en een trekoefening voor het bovenlichaam, 2 of 3 sets elk.
- Stop dan. Het doel is kracht behouden, niet moe uit de fitness komen.