Hoe de berekening werkt
Trek de stang af van het totaal en halveer wat overblijft: dat moet aan elke kant. Voor 102,5 kg op een stang van 20 kg blijft 82,5 kg over, dus 41,25 kg per kant. Vul dat met de grootste schijf die past, dan de volgende, tot je op nul komt: 25, 15 en 1,25 kg.
De zwaarste schijven eerst, tegen de kraag, is ook de veilige volgorde. Zo blijft de last dicht bij het midden van de stang, en gaan de kleine schijven er eerst af wanneer je afbouwt.
Welke stang gebruik je?
- 20 kg: de standaard olympische herenstang, 2,2 m lang met een grip van 28 tot 29 mm. Twijfel je, dan is het deze.
- 15 kg: de olympische damesstang, iets korter met een grip van 25 mm.
- 10 kg of lichter: techniekstangen en veel vaste of EZ-stangen. Weeg hem als het gewicht er niet op staat.
Kleuren van de schijven
Wedstrijdschijven volgen een kleurcode: 25 kg rood, 20 kg blauw, 15 kg geel, 10 kg groen en 5 kg wit, met kleinere wisselschijven in rood, blauw of zilver. Het schema gebruikt die kleuren. Veel fitnesscentra gebruiken zwarte gietijzeren schijven, dus vertrouw op het getal op de schijf, niet op de kleur.